downloaden

Tot begin negentiende eeuw was hakhout het dominante beheertype in Nederland. Bij hakhout worden de uitlopers (scheuten) op een stam (stobbe) elke 3 tot 20 jaar afgehakt, waarna de stam weer opnieuw uitloopt. Het leverde vooral eikenschors voor de leerlooi-industrie, boerengeriefhout en brandhout. De belangrijkste voordelen van hakhout waren de regelmatige houtinkomsten en het feit dat er weinig verjongingskosten gemaakt hoefden te worden. Door de afnemende vraag naar de producten kwam er een eind aan de hakhoutcultuur. Ondertussen is de vraag naar brandhout, nu biomassa genoemd, weer sterk gestegen. Is daarmee hakhout economisch ook weer interessant?

Tags