Publicaties Bosberichten: 1991

Japan is economisch een boeiend land dat tot ver buiten zijn grenzen grote invloed op markten uitoefent. Dat geldt ook voor hout en houtprodukten, en dat voelt men in tal van landen tot in de bosbouw toe. Evenals bij veel andere markten is die groeiende invloed niet onomstreden. Maar niemand kan ontkennen dat hij wel te maken heeft met een visie op lange termijn, die men zich ook elders zou wensen, bijvoorbeeld in de EG.

Tot voor kort werden houtresten gezien als afval. Ten onrechte, want ze vormen een uitstekende grondstof voor verschillende andere produkten. Over de hoeveelheid en de diverse bronnen van houtresten was tot nu toe weinig bekend. Wàs, want onlangs deed de vakgroep Bosbouw van de Landbouwuniversiteit Wageningen in samenwerking met de Stichting Bos en Hout onderzoek naar het onontgonnen terrein van de houtbijprodukten. Dit Bos en Hout Bericht geeft de belangrijkste resultaten weer.

Vier jaar geleden startte het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij een onderzoek (HOSP) naar de jaarlijkse oogst in het Nederlandse bos. De eerste resultaten van dit omvangrijke en gecompliceerde project, dat mede tot stand gekomen is dankzij een belangrijke financiële bijdrage van het bedrijfsleven en het Ministerie van Economische Zaken, zijn meer dan opvallend te noemen. Het is duidelijk dat we vaak nog (te) weinig weten over het Nederlandse bos. Bovendien blijken bepaalde ingeburgerde inzichten niet te stroken met de resultaten van dit HOSP-project. Verder toont het project aan dat samenwerking tussen overheid en bedrijfsleven snel tot goede resultaten kan leiden.

Het gaat niet goed met het Nederlandse bosbouwbeleid, en dat is slecht voor de toekomst van ons bos. De bosbouwwereld en alles wat daarmee samenhangt is zo langzamerhand in opperste verwarring. Niemand weet wat de nationale overheid nu precies met de bosbouw en ons bos wil; misschien weet die overheid dat zelf ook niet meer. Er is sprake van een ondoorzichtig beleid, van enige lijn daarin is weinig te merken, en er worden ongewenste situaties geschapen die niet zo makkelijk zijn terug te draaien.

Tags

In het begin van dit jaar bracht het hoofd PR en Algemene voorlichting van de SBH een bezoek aan Engeland om te zien hoe het daar is gesteld met de PR voor de bosbouw. Haar bevindingen leidden onlangs tot een gesprek over dit onderwerp in Edinburgh tussen vertegenwoordigers van de Forestry Commission (het Staatsbosbeheer van Groot-Brittannië) en een Nederlandse groep, bestaande uit de adjunct-directeur NBLF van het Ministerie van LNV, de adjunct-directeur van het Staatsbosbeheer, de secretaris van het Bosschap, de directeur van de SBH en de PR-specialisten van Staatsbosbeheer en SBH. Frazer Lindsay, hoofd van de Divisie PR en Voorlichting van de Forestry Commission schreef voor deze gelegenheid een toelichting op de PR-strategie van zijn organisatie. Een toelichting die we zonder meer de moeite waard vonden om te publiceren als Bos en Hout Bericht.

De Stadsherberg in hartje Assen stond op woensdag 29 mei jl. in het teken van de bosontwikkeling in Noord-Nederland. De directie Bos- en Landschapsbouw organiseerde op die dag een minisymposium ter gelegenheid van het verschijnen van de nota: "Bosvisie Noord Nederland". Peter Schütz was een van de ongeveer 170 aanwezigen en verwerkte zijn indrukken tot een Bos en Hout Bericht.

Het Nederlandse bos levert steeds meer hout. De eerst onderzoekstekenen wijzen erop dat ook in de toekom t de oogst verdér kan stijgen. Gezien de enorme huidige import van hout en houtprodukten, is deze ontwikkeful voor de verwerkende industrie in ons land gunstig te noemen. In het vorige Bos en Hout Bericht (91-5) schetsten we voor het jaar 1990 een totaalbeeld van de Nederlandse rondhoutverwerking en van de zagerijsector in het bijzonder. Dit Bos en Hout Bericht neemt de cijfers uit de papier-en kartonindustrie, de klompenmakerijen en de rondhoutimpregneerbedrijven onder de loep.

Sinds 1988 is de belangstelling voor Nederlands hout sterk in beweging. De ene ontwikkeling roept weer anderen op. De gevolgen zijn soms verstrekkend voor de Nederlandse bosbouw en de Nederlandse houtverwerkende industrie. Voor de SBH een reden om het integrale onderzoek van 1989 naar het gebruik van rondhout door de Nederlandse houtverwerkende industrie te herhalen. Dit Bos en Hout Bericht geeft de stand van zaken in 1990 weer wat betreft de totale rondhoutverwerking in Nederland en in de zagerij-sector in het bijzonder. In een volgend Bericht komen papierindustrie, klompenmakerijen en impregneersector aan de orde.

Op 21 maart jl. organiseerde de gemeente Wageningen een studiedag voor 'beslissers in de bouw' over het gebruik van tropisch hardhout. "Bouwen met tropisch hout?!" was het onderwerp dat centraal stond. De Stichting Bos en Hout was aanwezig op de druk bezette studiedag. In dit Bos en Hout Bericht haar verslag van de bijeenkomst en enkele conclusies.

Noord-Amerika bezit een omvangrijk bosareaal dat tot de belangrijkste houtbronnen behoort waarover de mensheid beschikt. Het heeft een dominerende invloed op de internationale markten van hout en houtprodukten. Daarom is het van mondiaal belang hoe in dit deel van de wereld de bos- en houtsituatie zich ontwikkelt. Recent heeft Noord-Amerika nieuwe gegevens verschaft over zijn bosareaal, over zijn houtproduktie en houtbehoefte en over wat er tot het jaar 2005 in dat opzicht mag worden verwacht. Dat gebeurde in een rapport dat in oktober 1990 werd aangeboden aan het Timber Committee van de V.N. in Genève.

De braaklegregeling voor akkerbouwgronden biedt interessante mogelijkheden voor uitbreiding van ons bosareaal met snelgroeiende boomsoorten. In dit Bos en Hout Bericht de resultaten van een onderzoek naar de financiële haalbaarheid daarvan en de resultaten van een peiling onder agrariërs over hun standpunt. Frans van der Stroet, student aan de Christelijke Agrarische Hogeschool in Dronten voerde het onderzoek uit tijdens een stage bij de SBH.

Het aanbod van populierehout in Nederland dreigt in de negentiger jaren fors te gaan dalen. Dat is een gevolg van het in de zeventiger jaren gevoerde aanplantbeleid. Pas vanaf 2010 zou er weer sprake kunnen zijn van enige stijging. De situatie zou aanzienlijk verbeteren bij een onverkorte uitvoering van het Meerjarenplan Bosbouw. Vooralsnog zal onze populierehout verwerkende industrie voor zijn grondstof een toenemend beroep op het buitenland moeten doen.