Publicaties Bosberichten: 1989

In 1989 is op bospolitiek gebied veel gebeurd. Maar doorbraken waren er te weinig. Anders gezegd: Tal van knopen zitten er nog dik in, knopen die ontward noch doorgehakt zijn. Dat wordt een wat te chronische kwaal. Over een aantal van die bospolitieke perikelen gaat dit Bos en Hout Bericht. Daarbij zullen we wel degelijk ook gunstige ontwikkelingen voor het voetlicht halen. Laten we daar dan maar mee beginnen.

Tagss

Van 9 tot 13 oktober j.l. vergaderde in Genève het Timber Committee van de Economische Commissie voor Europa van de Verenigde Naties. Daarbij waren 27 landen en 15 internationale organisaties vertegenwoordigd met in totaal rond 120 gedelegeerden. De schrijver van dit Bos en Hout Bericht werd voor het komende jaar tot voorzitter van het Houtcomité gekozen. De heer Moskov uit Bulgarije, vice-president van de Bulgaarse Forestry and Forest Industries Association, werd vice- voorzitter. Dit Bos en Hout Bericht geeft een overzicht van de belangrijkste kwesties die tijdens de zitting in Genève besproken zijn, n.l. de internationale markten van hout en houtprodukten, een verklaring van het Timber Committee over tropisch hout en het speciale thema van de zitting, bos en hout in Rusland.

Tagss

Als per 1 januari 1993 de binnengrenzen van de Europese Gemeenschap (EG) worden opgeheven zal de vorming van een van de belangrijkste consumentenmarkten van de wereld, met ruim 320 miljoen inwoners, een feit zijn. Dit geldt ook voor hout en houtprodukten. Om aan de grote vraag naar hout en houtprodukten te kunnen voldoen moet de Europese Gemeenschap, bij een geringe eigen houtproduktie, jaarlijks enorme hoeveelheden hout in de vorm van vele produkten importeren. Gedeeltelijk is dit hout afkomstig uit tropische regenwouden. Dit Bos en Hout Bericht handelt over de betekenis van tropisch hout voor de houtvoorziening van de E.G. en geeft een overzicht van de landen die voor deze voorziening van belang zijn.

In de laatste tijd treedt een verscherping op van de toch al niet steeds probleemloze verhouding tussen het natuur- en landschapsbeleid en het bosbouwbeleid. Dat is geen goede zaak. Beide, bos en natuur, zijn sinds mensenheugenis en eigenlijk zolang bos bestaat zo nauw met elkaar verweven dat een integratie van deze twee meer voor de hand lijkt te liggen dan een confrontatie. Maar wij mensen maken er soms iets heel moeilijks van, zelfs van bos, natuur en landschap. Daarover gaat dit Bos en Hout Bericht.

Tagss

Van 16-24 mei 1989 vond in Abidjan~ Ivoorkust de zesde raadszitting van de Internationale Tropisch Hout Organisatie (ITTO) plaats. De organisatie werkt nu effectief drie jaar, nadat in 1983 de Internationale overeenkomst is gesloten in het kader van de Conferentie van de Verenigde Naties inzake handel en ontwikkeling (UNCTAD). Potentiële leden van de organisatie zijn landen die tropisch hout produceren en/of consumeren. Momenteel zijn er 41 landen lid. Zij zijn verenigd in de Raad die tot op heden twee maal per jaar bijeen komt. Aan de Raad zijn drie permanente commissies toegevoegd ten behoeve van de drie aandachtsvelden in marktinformatie, houtverwerkende industrieën, herbebossing en bosbeheer.

Soms duiken in de praktijk of in de literatuur woorden op die op hout betrekking hebben, die echter het probleem oproepen dat de betekenis daarvan verloren is gegaan. De nLyste van des GraeHelijckheids Tolle van Hollandt binnen de Stad Haarlem", Groot Placaatboek, uit 1645 is daar een mooi voorbeeld van. De auteurs hebben een groot aantal van deze uitdrukkingen getraceerd. Daarbij hebben zij niet specifieke vak-literatuur nageplozen, zoals b.v. over de antieke houtscheepsbouw. Ir Wassink is houtdeskundige, Drs van Klaveren is archeoloog en historicus.

Tagss

Op 31 mei j. I. organiseerde de Bosgroep Salland-Twente ter gelegenheid van haar 10-jarig bestaan een congres. Thema: "Nieuwe kansen in de bosbouw". Een goed initiatief, dat veel belangstelling trok. Er werd een aantal belangwekkende lezingen gehouden die alle worden gepubliceerd in "De Landeigenaar". De heer Van Reenen, algemeen direkteur van Parenco en lid van het Bestuur van de Stichting Bos en Hout, sprak over het belang dat de houtverwerkende industrie in ons land bij de nederlandse bosbouw heeft. Hierna volgt wat hij daarover zei.

In Bos en Hout Bericht nr.Svan 1988 spraken wij over een positieve ontwikkeling rond de ins en uitvoer van zaaghout en gezaagd hout. We concludeerden toen dat ondanks een aantal ongunstige factoren waaronder bezuinigingen op de overheidsuitgaven, de positieve ontwikkeling zich ook in 1988 zou kunnen voortzetten. De marktindicatoren stemden tot enig optimisme. Inmiddels zijn de handelscijfers van het CBS over 1988 beschikbaar gekomen en kan de balans worden opgemaakt.

Op papier zijn in de laatste jaren betere omstandigheden voor de houtproduktie ontstaan. Men kan zich echter afvragen wanneer dat nu ook eens in de praktijk gebeurt. Voorlopig lijken er alleen maar meer belemmeringen te komen. In een aantal Bos en Hout Berichten van vorig jaar hebben wij obstakels voor houtproduktie in het bestaande bos, voor de aanleg van nieuwe bossen en voor de produktie in weg- en grensbeplantingen op een rijtje gezet. Een van de twee belemmeringen die in dit Bos en Hout Bericht aan de orde komen is daarin al genoemd, een andere niet omdat die toen niet was te voorzien. Het gaat respectievelijk om contra-acties van natuur- en landschapsbescherming en om goed bedoelde maar slecht uitpakkende activiteiten van het Ministerie van Landbouw en Visserij.

Een aantal jaren geleden verscheen in het Canadese blad nPulp and Paper Magazine een boeiend verhaal van prof. Paris, hoogleraar milieuplanning in Montreal. Hij introduceerde het begrip "citificatie" van het bos, het overbrengen van ideeën en opvattingen van de stadsbewoners naar het bos en het bosbeheer, met alle complicaties van dien. Een probleem dat in vele delen van de wereld thans actueler is dan ooit. Met toestemming van de redactie van het Canadese tijdschrift vertaalden wij het artikel destijds voor het Nederlands Bosbouw Tijdschrift. Een geactualiseerde vertaling - we gaven immers al aan dat het probleem thans actueler is dan ooit - publiceren we nu in Bos en Hout Berichten. Bij het lezen moet men zich wel realiseren dat het Canadese bos vrijwel geheeloverheidsbezit is en dat de houtindustrie de grootste bosexploitant is.

Essentieel voor de toekomst van het bos De particuliere bosbouw, die grote problemen kent, maar die van groot belang is voor allen in ons land die met bos en hout te maken hebben (en dat zijn we allemaal), is actiever dan ooit. Vooral de samenwerking van boseigenaren in georganiseerde vorm staat midden in de belangstelling. De Bosgroep Salland-Twente is zo'n organisatie, dynamisch en goed aan de weg timmerend. Dat blijkt binnenkort. Op 31 mei viert ze haar lO-jarig bestaan met een congres in Deventer waar prominente sprekers uit politiek, bosbouw en industrie het zullen hebben over nNieuwe kansen voor de bosbouw". Meer informatie hierover zal zeer binnenkort verschijnen. Wij bevelen deze belangrijke manifestatie nu reeds in de aandacht van de lezers van onze Bos en Hout Berichten aan. In dit Bos en Hout Bericht geven wij graag het woord aan mevrouw drs. Cremers van de Bosgroep Salland-Twente, die het een en ander over deze bosgroep vertelt.

De Stichting Centrum Hout organiseerde op 8 december j.l. de "Houtdag '88" met als thema: "Trends in hout". Drs. G. M. V. van Aardenne, voorzitter van de Stichting Bos en Hout, gaf als eerste inleider een beeld van de invloed van de politiek op de huidige en toekomstige beschikbaarheid van hout, zowel in algemene zin als in Nederland en de EG. Hier volgt zijn inleiding.

Tagss